Nieuws

Uitbuiting Achter de Voordeur in Amsterdam

Dit project richtte zich de afgelopen drie jaar op het in beeld krijgen van kwetsbare, geïsoleerde slachtoffers van mensenhandel ‘achter de voordeur’ in Amsterdam. Denk hierbij aan sectoren als huishoudelijk werk, kinderoppas of in familiebedrijfjes. Vaak komen dader en slachtoffer in dit soort zaken uit dezelfde gemeenschap, en vaak uit dezelfde familie. Dat maakt zelfidentificatie en ontsnapping ingewikkeld.

We hebben 30 cliënten die ondersteund zijn geïnterviewd over hun situatie en die van mogelijke anderen. Dit leverde nieuwe informatie op. We hebben een duidelijker beeld gekregen van de problematiek en de groep slachtoffers van uitbuiting achter de voordeur en de succesvolle strategieën om uitbuiting aan te pakken. Hieronder een overzicht van de belangrijkste lessen, aanbevelingen, vragen en dilemma’s.

Dit zijn de belangrijkste lessen: 

  1. Slachtoffers van uitbuiting ‘Achter de voordeur’ herkennen zichzelf vaak niet als slachtoffer:
    – Ze weten niet altijd dat wat zij doen ook werk is. Bijvoorbeeld als zij in de informele sector werken, of bij iemand anders thuis ‘klusjes doen’;
    – Ze weten vaak ook niet dat zij arbeidsrechten hebben en wat die rechten inhouden;
    – Mensen zonder geldige verblijfsvergunning in Nederland die worden uitgebuit denken vaak dat zij geen rechten hebben vanwege hun status;
    – Informatie is belangrijk! Niemand in Nederland mag uitgebuit mag worden en alle slachtoffers van uitbuiting hebben recht op bescherming en steun, onafhankelijk van hun afkomst, leeftijd, gender, of verblijfsstatus.
  2. Informatie geven op verschillende laagdrempelige manieren:
    – Mensen in een uitbuitingssituatie achter de voordeur leven vaak in een geïsoleerde situatie. Online informatieverspreiding werkt goed om deze mensen te bereiken;
    – Informatie verspreiden in verschillende talen. Zowel op online kanalen, als tijdens voorlichtingsbijeenkomsten, als ook als er iemand contact opneemt;
    – Informatieverspreiding door cultural mediators;
    – Vanwege mogelijke schaamte zijn vertrouwensrelaties heel belangrijk. Ook hier spelen cultural mediators een belangrijke rol;
    – Om de drempel te verlagen om contact op te nemen met FairWork en ACM is het belangrijk om samen te werken met migrantenorganisaties en steunorganisaties voor migranten;
    – Om de drempel voor vrouwen te verlagen is samenwerking met vrouwenorganisaties belangrijk.
  3. Er zijn veel mensen en instanties die kunnen signaleren:
    – Slachtoffers hebben vaak zelf informatie over andere mogelijke slachtoffers. Het interviewen van deze mensen loont; mensen die zelf zijn uitgebuit kunnen goed signaleren;
    – Ook migrantenorganisaties en steunorganisaties voor migranten kennen soms via het informele netwerk slachtoffers. Het is belangrijk dat deze organisaties weten waar ze op moeten letten en FairWork en ACM goed weten te vinden en benaderen;
    – Er zijn instanties die voor hun werk ‘achter de voordeur’ komen (bepaalde hulpverleners of burennetwerken maar ook breder). Het informeren en trainen van deze mensen op signaleren en melden is belangrijk om het onzichtbare zichtbaar te maken.
  4. Sommige sectoren zijn in het bijzonder gevoelig voor uitbuiting achter de voordeur:
    – Situaties waarin mensen erg afhankelijk van hun werkgever zijn, zijn in het bijzonder gevoelig voor uitbuiting achter de voordeur. Denk bijvoorbeeld aan situaties waarin mensen afhankelijk zijn van de baas voor huisvesting of een verblijfsvergunning, zoals bij (zorg)au pairs. We moeten ons extra richten op deze sectoren;
    – Slachtoffers worden soms uitgebuit binnen de eigen familie, of eigen culturele groep. Het is belangrijk is om mogelijke slachtoffers ook alleen te spreken.
  5. Veiligheid en bescherming zijn essentieel voor slachtoffers van uitbuiting om hulp te zoeken:
    – Voor slachtoffers is het melden van hun uitbuiting een grote en risicovolle stap; ze verliezen daarmee hun werk en dus hun basisinkomen, vaak hun woonruimte, hun sociale netwerk of familie, en als ze ongedocumenteerd zijn worden ze vaak bedreigd met uitzetting. Veiligheid en bescherming bieden is nodig zodat ze naar voren durven te komen met hun verhaal;
    – Soms duurt het erg lang voordat een slachtoffer stappen durft te ondernemen, en voordat hij of zij durft te geloven dat er echt bescherming is. Geduld is dus ook heel belangrijk.

Aanbevelingen voor de toekomst:

  1. Risicogroepen moeten duurzaam bereikt worden en geïnformeerd worden over hun rechten. Via online berichten, via voorlichting, of via anderen. Niet alleen in Amsterdam, maar ook daarbuiten, vooral in de vier grote steden. Want als mensen hun rechten en mogelijkheden kennen, kan dat voor een deel voorkomen dat zij in uitbuiting terecht komen.
  2. Bij het bespreken van mensenhandel en uitbuiting (met hulpverleners of risicogroepen) moet altijd benadrukt worden dat dit ook achter de voordeur, in de privésfeer of binnen de eigen familie kan gebeuren. Niet alleen in Amsterdam, maar ook daarbuiten. Want er wordt niet vanzelfsprekend aan gedacht en zo kunnen we meer mensen ondersteunen.
  3. Een breed veld waaronder gemeenteambtenaren, vrijwilligers van migrantenorganisaties en steunorganisaties voor migranten, hulpverleners en anderen die in contact kunnen komen met mogelijke slachtoffers moeten weten hoe en waar ze uitbuiting, ook achter de voordeur, kunnen signaleren. In Amsterdam en daarbuiten. Want we zien vaak dat vlak na een training signalen binnenkomen.
  4. Structuren die afhankelijkheid kunnen faciliteren moeten goed gecontroleerd worden. Want daar zit een groot risico. Denk aan controle bij zorg aan huis via een PGB, of een au pair, of andere inwonende zorgwerkers. Deze zorgwerkers moeten goede informatie ontvangen over hun rechten en mogelijkheden voor ondersteuning. Want dat werkt preventief en zo kunnen we meer signalen binnen krijgen.
  5. Er moet meer jurisprudentie komen op uitbuiting achter de voordeur, zodat het duidelijker wordt wanneer we casussen als mensenhandel kunnen labelen, en vooral ook wat de rol is van het element van dwang en afhankelijkheid hierin. Want meer jurisprudentie zal leiden tot meer vervolging van uitbuiters en betere bescherming van slachtoffers.
  6. Tenslotte: het melden van uitbuiting en het vragen van advies en ondersteuning moet ten alle tijden veilig en laagdrempelig zijn en geen onderscheid maken in gender, verblijfsstatus, leeftijd, taal of culturele achtergrond. Dit moet goed gecommuniceerd en uitgedragen worden zodat men hier echt op kan vertrouwen. Want zo zullen meer mensen in uitbuiting zich melden en kunnen we meer mensen ondersteunen.

Belangrijkste vragen en dilemma’s:

  • Om te spreken van mensenhandel moet er volgens de Nederlandse wet dwang aanwezig zijn. Hoe kun je dwang goed aantonen als het gaat om persoonlijke relaties, emotionele chantage, machtsverhoudingen waarbij het slachtoffer zich sowieso al afhankelijk voelde?
  • Hoe om te gaan met culturele opvattingen? Bijvoorbeeld over de positie van de vrouw, het kind, of de schoondochter binnen een familie, en de taken die deze behoort uit te voeren volgens deze opvattingen? In hoeverre kun je de Nederlandse opvattingen ‘opleggen’?
  • Waar stopt een redelijke tegenpresentatie voor bijvoorbeeld onderdak en begint uitbuiting? Wanneer zijn huishoudelijke diensten eigenlijk werk?
  • Hoe kunnen we zorgen dat medewerkers van relevante organisaties geïnformeerd blijven en kennis blijven verspreiden over uitbuiting en rechten?
  • Het is moeilijk gebleken om goed contacten met (migranten)kerken op te bouwen, terwijl we verwachten dat deze kerken een belangrijke vertrouwensrelatie met mogelijke slachtoffers hebben en dus kunnen signaleren. Bovendien zijn er ook wel eens casussen van uitbuiting binnen een kerk geweest. Hoe krijgen we meer en beter contact met deze (migranten)kerken?
  • Uitbuiting Achter de Voordeur raakt aan het werkveld van veel instanties, denk aan de Inspectie SZW (werkrelatie), Veilig Thuis (thuissituatie), maar ook de politie, de AVIM, maatschappelijke opvang. Wie heeft daar nou precies welke rol in?

Meer lezen over Uitbuiting achter de Voordeur